Toegangscontrole Poort

Eén van de meer courante vormen van toegangscontrole is de toegang via poortjes. Bij toegangscontrole via poortjes moet de bezoeker een bepaalde zone betreden door het passeren van poortjes die de toegang blokkeren voor onbevoegde personen. Deze pootjes bevinden zich meestal op zo’n 30 centimeter boven de grond, en blokkeren de toegang tot op nekhoogte. Op die manier is het voor de meeste personen zeer moeilijk om deze poortjes te kunnen passeren.

Bezoekers die toegang willen tot de zone achter de poortjes kunnen toegang krijgen door een badge voor de magnetische chiplezer te houden. Deze chiplezer zal de badge herkennen, lezen en al dan niet toegang verlenen aan de houder van deze badge. De poortjes zullen uit elkaar gaan, waardoor er tussen de poortjes een ruimte ontstaat waardoor de persoon kan passeren.

Voor personen die niet frequent toegang moeten hebben tot de zone achter de poortjes kan ook gewerkt worden met een ticketsysteem. Via het invoeren van een ticket zal men eenmalig ofwel meerdere malen toegang krijgen tot de zone achter de poortjes. Het aantal keren dat men toegang heeft hangt af van het soort ticket dat men in bezit heeft.

Het bekendste voorbeeld van poortjes bij het grote publiek is waarschijnlijk de metro. In metrostations staan poortjes geplaatst zodat enkel bezoekers met een geldig ticket toegang krijgen tot de perrons. Het ticket kan men dan kopen in de betaalautomaten die staan opgesteld in het metrostation. Men kan hierbij verschillende soorten ticketten kopen, waardoor men één danwel meerdere keren toegang kan hebben tot de perrons.